Agenda > Verslagen > Spiel 2002

Internationale Spieltage
SPIEL '02
Messe Essen 17.-20. oktober 2002


Deel I - Deel II - Deel III - Deel IV
komspiel.gif (6620 bytes)

Asmodée

Deze Franse uitgever heeft onlangs een Duitse tak geopend. Je zou verwachten dat ze zichzelf zouden lanceren met een Duitse versie van hun bekroonde legspel La Guerre des Moutons. De licentie voor dit spel was al vergeven aan Goldsieber (Meine Schafe Deine Schafe), dus ging men van start met twee andere titels.

Die Werwölfe von Düsterwald is in de letterlijke zin van het woord een gezelschapsspel: hier kunnen 8 - 18 spelers meedoen. Het spelmateriaal bestaat uit 24 kaarten en de regels. Er is één spelleider nodig, die zelf niet meespeelt. De spelleider geeft iedere speler een speelkaart. Deze kaart bepaalt de rol van die speler. Er zijn verschillende soorten rollen: bange dorpsbewoners, een ziener, een heks enzovoort. Sommige rollen hebben speciale vaardigheden. Na de rolverdeling wordt het nacht en sluiten de spelers hun ogen. De spelleider roept één voor één de verschillende rollen aan. Deze spelers openen hun ogen, voeren hun acties uit of ontvangen informatie. Bij zonsopgang ontwaakt het dorp en blijkt dat de weerwolven nieuwe slachtoffers hebben gemaakt. Vervolgens wordt er gediscussieerd en beschuldigen de spelers iemand waarvan zij vermoeden dat hij een weerwolf is. Deze speler onthult zijn identiteit en verlaat het spel. Het spel eindigt als alle weerwolven zijn geëlimineerd c.q. alle dorpsbewoners zijn verorberd.

Zwergenziehen is een kaartspelletje voor 2 of 4 spelers dat allereerst opvalt door het spelmateriaal. In negatieve zin door het gekreukelde regelboekje dat niet in het binnenwerk past. In positieve zin door het koddige spelbordje met een beweegbaar middenstuk. Twee teams met tuinkabouters trekken aan een tuinslang. Het duel wordt uitgevochten door het uitspelen van speelkaarten. Met een kabouterkaart mag je een nieuwe kabouter in een van de vier kleuren op het middenstuk van het bord plaatsen. Met een trekkaart mag het sterkste team het middenstuk naar zich toetrekken. De kaart bepaalt de sterkte van de verschillende kleuren kabouters in jouw team. Met een eenhoornkaart mag je het middenstuk meteen 1-3 velden verschuiven. Een ronde eindigt zodra de eerste kabouter tegen de schutting op het midden van het bord knalt.

Van Moutons naar Schafe

Meine Schafe Deine Schafe is een legspel voor 2-4 spelers, dat enige verwantschap heeft met Carcassonne. Het spel wordt in Duitsland uitgegeven door Goldsieber. Aan het begin wordt een starttegel neergelegd en ontvangt iedere speler een tegel met zijn spelerkleur. Deze kleur houd je vooralsnog geheim. Iedere speler trekt 4 dubbelzijdige tegels uit een buidel en houdt deze verborgen in zijn hand. In je beurt moet je een tegel passend aanleggen en één of meer nieuwe tegels trekken. De tegels tonen zes motieven: dorp, bos en schaapjes in de vier kleuren. Buiten je beurt mag je speciale acties uitvoeren: wolven en/of jagers aanleggen, kleur bekennen of het spel verlaten. Als je kleur bekent, mag je meteen jouw kleurtegel en een andere tegel aanleggen. Als je het spel als eerste verlaat, verdien je zes bonuspunten. Met wolven kun je naburige weides neutraliseren, met een jager kun je een wolf uitschakelen. Aan het einde van het spel krijg je één punt voor ieder eigen schaap in jouw grootste weide. Dit is een vlot legspel met één irritante eigenschap: het in de hand houden van vier of meer dubbelzijdige tegels is niet alleen onprettig, maar leidt ongetwijfeld ook tot versnelde slijtage van het spelmateriaal.

Gezondheid

Tijdens Spiel had ik last van een opkomende verkoudheid. Een onschuldig kwaaltje, vooral in relatie tot de nare zaken die je in sommige spelletjes tegen het lijft loopt.

Zoch, de trotse uitgever van het Spiel des Jahres Villa Paletti, belaagde de spelende mensheid met het kaartspel Virus & Co. In dit spel begint iedere speler met een huisapotheek vol pillen. Vervolgens komen de viruskaarten in het spel. Als je een viruskaart van een van de stapels trekt, moet je deze voor je neerleggen. Deze kaart levert minpunten op. Ter compensatie krijg je er wel extra pillen bij, de pluspunten. Je kunt ook een injectienaald trekken. Hiermee kun je een virus verzwakken of doden, maar met te veel naalden land je op de intensive care. Het is ook mogelijk om virussen bij medespelers te dumpen. Dit leidt tot een biedwedstrijd, waarbij met pillen wordt betaald. Je mag ook een risicokaart uitspelen, door deze gedekt voor een medespeler te leggen. Die mag de kaart overigens afweren door een pil te betalen. De kaart wordt dan naar een andere speler geschoven. Het positieve of negatieve effect van de kaart wordt pas bekend zodra iemand hem (gedwongen) omdraait. Aan het einde van de rit saldeer je plus- en minpunten. Het spelletje is thematisch leuk, maar breekt inhoudelijk geen potten.

De Amerikaanse uitgever Earwig presenteerde een nieuwe versie van het bordspel Infection. In dit spel bewegen de spelers over het spelbord en lopen daar allerlei ziektes op. Deze kun je vervolgens laten genezen in een van de klinieken. Helaas moet je daar wel voor betalen. Met een goede verzekering of je kerstbonus ben je in staat om de gepeperde rekening te betalen. Het spelbord bevat allerlei velden, waar je ziektes kunt krijgen, genezen, geld kunt verdienen enzovoort. De winnaar is degene die als eerste al zijn ziektes weet te genezen (c.q. als enige in leven weet te blijven).

Doris, Frank en Ralf

Doris & Frank hadden dit jaar geen nieuw spel. De oorzaak van deze stilte hing met een innemende glimlach aan de wand van de stand: een foto van hun zoontje. Ze deelden de stand met hun vriend Ralf Lehmkuhl, die onder de firmanaam Gecko Games zijn eerste spel Trias presenteerde.

Trias is een vlot tactisch spel. Met behulp van een aantal zeskantige tegels wordt rond een centrale tegel (de zuidpool) één groot eiland gebouwd. Het eiland bevat drie soorten gebieden: steppe, bos en gebergte. Op dit eiland plaatst iedere speler twee groepjes met twee kuddes dinosaurussen. Aan het begin van je beurt speel je een kaart met een van de drie gebiedsoorten en moet je één landtegel aan de buitenrand verplaatsen. Je moet deze tegel opnieuw aanleggen op een plek die verder van de zuidpool ligt. In de loop van het spel ontstaan aldus nieuwe eilanden. Je mag overigens alleen een tegel verplaatsen als je één of meer kuddes op dat eiland hebt. Vervolgens mag je vier actiepunten besteden: om kuddes te bewegen, nieuwe kuddes in te zetten, zwemmende kuddes aan land te brengen of om één extra landtegel te verplaatsen. Als je door het verplaatsen van een tegel tijdens het spel een nieuw eiland vormt, vindt daar een tussentelling plaats. Bij de eindtelling kunnen de spelers met de meeste kuddes op de grootste eilanden veel punten verdienen. Trias is een geslaagd spel als je elkaar goed in de gaten houdt. Als meerdere spelers met een eigen eiland wegdrijven, loop je het risico dat het een solitaire exercitie wordt. Het spel ziet er overigens prima uit, Doris had gelukkig voldoende tijd om de illustraties te verzorgen.

Stoelendans en grof vuil

In Fische, Fluppen, Frikadellen van Friedemann Friese (2F-Spiele) loop je over een spelbord waar je bij allerlei handelaren goederen koopt, verkoopt of ruilt. Deze goederen geef je uiteindelijk af om drie fetisjen te verzamelen, die je nodig hebt om het spel te winnen. Het is de bedoeling om je tocht over het bord zo efficiënt mogelijk te plannen, opdat je zo snel mogelijk de juiste goederen verzamelt. Je kunt op twee manieren over het bord bewegen: te voet of per vlot. Naast de goederen bieden de handelaren ook bonusacties, waarmee je onder meer prijzen kunt manipuleren, een extra beurt kunt verdienen enzovoort. De stoelendans komt om de hoek kijken als je met twee of drie exemplaren van het spel speelt. In het laatste geval speel je met 11-15 spelers op 3 borden. Op elk bord is dan één soort fetisj beschikbaar. Je moet dus alle borden bezoeken om het spel te kunnen winnen. Je wordt dan geconfronteerd met nieuwe medespelers en spelsituaties.

Het tweede nieuwe spel van de man met het groene haar verscheen in een oplage van 100 exemplaren, die reeds voor de beurs was uitverkocht. Fundstücke is een vlot biedspelletje voor 3-6 spelers. Op tafel liggen fiches met verschillende soorten grof vuil. Iedere speler heeft een identieke set biedkaarten en een cijferfiche met de waarde 1-6. Iedere ronde speel je in het geheim een kaart. Als spelers dezelfde kaart hebben gespeeld, staan ze deze ronde buitenspel. Van hen blijft alleen de speler met het hoogste cijferfiche actief, maar hij moet dit fiche meteen ruilen met de speler met het laagste cijferfiche. De overgebleven spelers plunderen de voorraad grof vuil in de voorgeschreven volgorde. Als je de op een opdrachtkaart afgebeelde goederen hebt verzameld, lever je deze in en neem je de opdrachtkaart. Deze opdracht levert je winstpunten op.

Spiele aus Timbuktu

De afgelopen jaren bracht spelauteur Michael Schacht onder deze naam diverse "game kits" op de markt. Na wat knip- en plakwerk kon je hier een eigen spel van maken. Dit jaar hield hij rekening met luie spelers en presenteerde hij maar liefst drie complete spellen. Deze spellen zijn verpakt in drie kleine doosjes. Als je ze naast elkaar legt, vormen ze één grote afbeelding met drie treinen. Dit is tevens het thema van de drie spellen.

Mogul is een intrigerend veilingspel. Aan het begin van een ronde wordt een aandelenkaart getrokken. Als je reeds aandelen van deze kleur bezit, verdien je winstpunten. Vervolgens wordt via een veiling bepaald wie deze beurt acties mag uitvoeren. Bij die veiling leggen de spelers om de beurt een chip neer. Als je de veiling verlaat, krijg je alle tot dan uitgespeelde chips. De speler die overblijft mag een van volgende acties uitvoeren: de openliggende aandelenkaart nemen of eigen aandelen verkopen. De openliggende aandelenkaart bepaalt welke kleur je mag verkopen. De verkoopkoers is gelijk aan het aantal uitgereikte aandelen van deze kleur. De speler met de tweede plaats in de veiling mag de andere actie uitvoeren. Het spel eindigt zodra de "crash-kaart" wordt getrokken. Deze kaart zit tussen de laatste vier kaarten van de stapel. Dan zijn alle aandelen in één klap waardeloos.

Het kaartspel Station Manager speelt zich af op een druk rangeerterrein. Hier stellen de spelers treinen samen door wagonkaarten uit te spelen. De gewenste samenstelling van de treinen wordt aangegeven door openliggende opdrachtkaartjes. Je mag pas wagonkaarten uitleggen als je een opdracht kunt uitvoeren. Als je jouw trein hebt voltooid, neem je het desbetreffende opdrachtkaartje (bij voorkeur een exemplaar in het bezit van een medespeler). Aan het einde krijg je punten voor iedere wagonkaart en bonuspunten voor voltooide opdrachten.

Het racespel Crazy Race is een bewerking van de gelijknamige game kit uit 2001. Iedere speler bestuurt drie verschillende locomotieven. De race bestaat uit 8 etappes. Aan het begin van een etappe wordt een nieuwe etappekaart omgedraaid. Vervolgens mogen de spelers maximaal drie gedekte stokerkaartjes aan de vier zijden van de etappekaart aanleggen. De uitgespeelde stokerkaartjes ben je in principe kwijt. Eenmaal tijdens het spel mag je uitgespeelde stokerkaartjes terugpakken. Op de etappekaart is afgebeeld welke locomotief hoeveel velden mag bewegen. Het is overigens handig om jouw locs bij elkaar in de buurt te houden, omdat het bewegen over bezette velden geen punten kost. Je verdient winstpunten halverwege de race en aan het einde.

Fette Autos

Die scheuren je op de Duitse snelwegen in grote hoeveelheden voorbij. Op de beurs vond ik een minder gevaarlijke variant in de stand van Edition Erlkönig. Fette Autos is een racespel met speelkaarten voor 1-7 spelers. Er doen altijd 7 auto's mee aan deze race, afhankelijk van het spelersaantal zijn een of meer auto's neutraal. Het spel begint op een speelveld van 8 routekaarten. Iedere speler heeft een auto, vijf tempokaarten op de hand en drie tempokaarten open op tafel. De drie open kaarten geven de snelheid aan en bepalen hoeveel chips je onderweg ontvangt. Die chips krijg je in de eerste spelfase als de gevaarsymbolen op jouw tempokaarten overeenstemmen met de huidige routekaart. Het gevaarsymbool op de routekaart bepaalt verder welke tempokaart je verplicht moet omruilen met een kaart van de stapel. In de tweede spelfase mag je tempokaarten trekken of één open tempokaart ruilen met een kaart uit je hand. Hiermee wil je de juiste snelheid bereiken, opdat je niet te hard door een bocht rijdt. Als je uit de bocht vliegt, kost je dat een tempokaart of fiches. In de derde spelfase probeer je voorliggers in te halen. Dit lukt als je sneller rijdt. Je kunt het saldo van je tempokaarten verhogen door fiches in te zetten. Nadat de laatste routekaart is afgewikkeld, wint de speler met de voorste auto. Op de website van de uitgever vind je in de loop van de komende maanden extra regels en materiaal.

Bewitched

In het bordspel Ad Acta proberen 2-4 ambtenaren hun officiële documenten zo efficiënt mogelijk te verwerken. Iedere speler beschikt over een eigen bordje, met een "postvak in" en een "postvak uit". Hierop worden aktes verwerkt. In de eerste spelfase besteed je actiepunten om de bovenste akte in je "postvak in" te verwerken, een medespeler te dwingen zijn bovenste akte te verwerken, je potlood te slijpen (= opsparen van actiepunten) of een maatregelkaartje uit te spelen. Met een maatregel kun je bepaalde zaken manipuleren. Als jij een akte hebt verwerkt, geef je dat aan met een paperclip. In de tweede fase komt de bode voorbij. Die verzamelt de verwerkte aktes en geeft ze vervolgens door aan de volgende afgebeelde ambtenaar. Als een akte alle vereiste bureaus heeft gepasseerd, wordt deze op de eerstvolgende vrije archiefkast op het centrale spelbord gelegd. Als zo'n archiefkast is gevuld, vindt daar een tussentelling plaats. Afhankelijk van de soort (aangegeven door een letter) kun je met een akte 1-7 winstpunten verdienen. Je moet ervoor zorgen dat jouw aktes op het juiste moment in de juiste archiefkast belanden. Aan het einde van het spel krijg je één minpunt voor alle niet verwerkte aktes. Dit spel was zeer populair, de eerste oplage van 500 exemplaren is inmiddels uitverkocht. Een tweede oplage is in de maak.

Bambus reprise

Deze kleine uitgever liet zich dit jaar inspireren door het eigen verleden en kwam met een bewerking van het kaartspel Twilight en een grote broer van het bordspel Kahuna.

Dr. Jekyll & Mr. Hyde is een kaartspel voor 4 spelers (of 3 met aanvullende regels). De spelers zijn verdeeld in twee partijen. De ene partij speelt de Jekyll-kaarten, de andere partij de Hyde-kaarten. Als je aan de beurt bent, speel je een kaart van je eigen soort uit of dwing je een van de andere spelers een kaart van jouw soort voor jou uit te spelen. Er zijn vier soorten kaarten. De transformatiekaart is de hoogste kaart, maar je kunt er geen slag mee winnen. De kaarten blijven dan liggen en worden toegevoegd aan de volgende slag. Na de transformatiekaarten hebben de personenkaarten de hoogste waarde. Locatiekaarten zijn lager dan personenkaarten en hebben allemaal dezelfde waarde. De daadkaarten zijn het laagst, maar spelen een belangrijke rol bij de puntentelling. Nadat door of voor iedere speler een kaart is gespeeld, is deze slag afgewikkeld. De slag gaat naar de speler die de hoogste kaart voor zich heeft liggen. Na zeven slagen worden de punten toegekend. Als je de juiste daadkaarten bezit, kun je deze punten met maximaal factor zes vermenigvuldigen.

Arabana-Opodopo is een variant op Kahuna, maar nu voor 3-4 spelers. Sommige van Kahuna bekende regels zijn gewijzigd, waaronder de puntentelling. Het spel kent twee fases, die eindigen met een kleine resp. grote puntentelling. Door het uitspelen van "kaartjes" (houten staafjes met stickers) worden bruggen tussen 16 eilanden geplaatst en strijden de spelers om de controle over de eilanden. Als je de absolute meerderheid op een eiland verkrijgt, verwijder je alle andere bruggen en plaats je jouw steen. Met de relatieve meerderheid op een groot eiland moet je de bruggen van één medespeler verwijderen, maar plaats je geen steen. De uit het zusterspel Kanaloa bekende goden spelen ook hier een rol en bieden je speciale acties of extra winstpunten. Een god wordt vertegenwoordigd door een houten staafje. Aan het begin worden 16 staafjes over de eilanden verdeeld. De speler die het eiland als eerste verovert, krijgt het staafje en mag deze éénmaal gebruiken.

Ambassadeur Moon

De Duitse uitgever Adlung is gespecialiseerd in kaartspellen in piepkleine doosjes. Vorig jaar scoorden ze hoge ogen met Vom Kap bis Kairo, het kaartspel dat onlangs de à la carte Kartenspielpreis van het spellenblad Fairplay wist te winnen. De populariteit van dit treinenspel werd tijdens Spiel 2001 aangewakkerd door het enthousiasme van Alan Moon. Deze sympathieke spelauteur stuurde iedereen naar de stand van Adlung om dit leuke spel te proberen. Met zijn rol van onbezoldigd ambassadeur heeft Alan ongetwijfeld goodwill gekweekt. Misschien heeft dit wel geleid tot de publicatie van Canal Grande?

Canal Grande is een bewerking van het uitstekende bordspel San Marco, dat vorig jaar door Ravensburger is uitgegeven. In dit kaartspel strijden twee spelers om macht en invloed in Venetië. Het spel bevat twee kaartsoorten: actiekaarten (wijken, gondels, doges, verraders en spionnen) en cijferkaarten. De spelers wisselen elke beurt van rol: verdeler of kiezer. De verdeler vormt twee stapels uit drie cijfer- en vijf actiekaarten. De kiezer mag als eerste een stapel nemen. De cijferkaarten leg je open voor je neer. Zodra een speler cijferkaarten met een som van 10 of meer bezit, eindigt de ronde. De andere speler mag dan drie actiekaarten van de stapel trekken en is de verdeler van de volgende ronde. Wijken en gondels neem je in je hand. Met een verrader steel je een kaart van de tegenstander. Met een spion trek je extra actiekaarten van de stapel. Met een doge activeer je een duel om een wijk. Dan speelt men om en om een of meer kaarten van één bepaalde wijk uit. Met behulp van gondels kan men andere wijkkaarten als jokers inzetten. Degene met het hoogste bod legt de wijkkaart apart. Het spel eindigt zodra een speler van één wijk vier kaarten heeft gewonnen of van alle zes wijken één kaart.

In Bayon proberen 2-4 spelers als expeditieleiders goede onderzoekers in te huren. Die zijn dankzij hun vaardigheden in staat schatten te ontdekken. Aan het begin krijgt iedere speler een onderzoeker. De overige onderzoekers worden naast de vijf stapels met locatiekaarten (vijf continenten) op tafel gelegd. In je beurt kun je passen en 5 goud incasseren. Je kunt ook tegen betaling een onderzoeker inhuren (uit de voorraad of van een medespeler) en/of met je onderzoekers acties uitvoeren. De acties zijn: de bovenste locatiekaart verkennen. De kaart toont je over welke vaardigheden jouw onderzoekers moeten beschikken om de kaart te winnen. De tweede actiemogelijkheid is het ondernemen van een expeditie. Je betaalt de kostprijs die op de achterkant van de te bezoeken locatiekaart is afgebeeld en draait de kaart om. Vervolgens moet je met jouw nog niet gebruikte onderzoekers de op de kaart aangegeven vaardigheden evenaren of overtreffen. Als dit lukt, mag je de kaart houden en moet je een van onderzoekers in de voorraad terugleggen. Met de derde actie verplaats je de douanekaart naar een van de vijf locatiestapels. Zolang die kaart daar ligt, is die stapel geblokkeerd. Het spel is afgelopen zodra iemand een bepaalde hoeveelheid goud verzamelt (met locatie- en/of goudkaarten).



Lees verder in deel IV van dit verslag

Agenda > Verslagen > Spiel 2002


Top