Spellen > Recensies > Fabrieksmanager

Fabrieksmanager

Erwin - 2010


De groenharige Duitse spelauteur Friedemann Friese leek een aantal jaren geleden hard op weg naar het ‘hofleverancierschap’ van de Nederlandse uitgever PS Games. Toen dook zijn kittige biedspelletje Minoes plotseling op bij de grote concurrent 999 Games en was de voorheen zo uitbundig verkondigde liefde van PS Games zomaar verdwenen. De nieuwe relatie bleek robuust, want ondertussen zijn we alweer twee uitstekende spellen verder. In 2009 kwam 999 Games met het internationaal hoog aangeschreven bordspel Hoogspanning. Dit voorjaar verscheen met Fabrieksmanager een tweede bordspel met een economisch thema.

Iedere speler bezit zijn eigen fabriek en probeert daarmee tijdens het spel een zo hoog mogelijke bedrijfswinst te realiseren. In vijf speelronden moet je het potentieel van jouw arbeiders optimaal benutten, op de markt de juiste machines en apparatuur kopen en deze zinvol in jouw fabriekshal gebruiken.

Op jouw eigen fabrieksbord plaats je aan het begin van het spel twee machines en drie pakhuizen. Dit zijn geen geavanceerde machines. Ze produceren weinig, verbruiken veel energie en vereisen de inzet van twee arbeiders per stuk. Iedere speler heeft zeven arbeiders. Aan het begin staan vier van jouw arbeiders aan de knoppen van de machines en beschik je over drie vrij inzetbare arbeiders. Op jouw fabrieksbord registreer je verder jouw productie, opslag en energieverbruik op de daartoe bestemde sporen. Een centraal speelbord wordt gevuld met fabriekstegels in zes soorten: pakhuis, machine, productierobot, personeelrobot, besturing of optimalisering. Met deze tegels ontwikkelen de spelers hun fabrieken. Iedere speler begint het spel met een startkapitaal van 18 ‘elektro’.

Elke speelronde begint met een veiling van de speelvolgordefiches. Deze fiches bepalen de speelvolgorde in de volgende fasen. Sommige fiches geven in de koopfase ook nog een korting op de aankoop van tegels en de inhuur van uitzendkrachten. Bij deze veilingen bied je met jouw vrij inzetbare arbeiders. De veilingmeester wordt in omgekeerde speelvolgorde bepaald. De geboden arbeiders ben je in de volgende twee fasen kwijt. Je mag overigens niet zoveel bieden dat je de tweede fase zonder vrije arbeider zou moeten beginnen. Het is zaak om zorgvuldig met jouw schaarse arbeiders om te springen. Je hebt ze straks hard nodig om tegels te kopen.

In de tweede fase wordt de gemeenschappelijke markt gevuld met fabriekstegels. Iedere speler telt zijn vrije arbeiders en neemt deze hoeveelheid tegels van het centrale speelbord. Jij bepaalt zelf uit welke rij je de tegel pakt, maar moet per rij wel steeds de goedkoopste pakken. De laatste speler mag, afhankelijk van het speleraantal, 0-3 bonustegels pakken. De laatste speler heeft het voordeel dat hij de beste tegels naar de markt kan halen, maar moet in de daaropvolgende koopfase maar afwachten of er iets moois voor hem overblijft.

In de derde fase gebruiken de spelers hun vrije arbeiders om fabriektegels van de zojuist gevulde markt te kopen. In speelvolgorde voert iedere speler al zijn ‘tegelacties’ uit. De tegels betaal je met jouw speelgeld. Gekochte tegels leg je op lege velden in jouw eigen fabriek of bewaar je naast jouw bord voor een volgende ronde. Je kunt een vrije arbeider ook gebruiken om een eerder gebouwde tegel uit je fabriek te slopen, zodat je daar een betere tegel kunt plaatsen. Met de nieuwe tegels optimaliseer je jouw fabriek. Je wilt met zo weinig mogelijk arbeiders en energie zoveel mogelijk produceren en opslaan. Met de hiernaast afgebeelde tegel verbeter je jouw fabriekprocessen, waardoor je minder arbeid en energie verbruikt. Helaas kosten de beste tegels een flinke bom duiten, dit loopt op tot enkele tientallen ‘elektro’s’. Omdat speelgeld en winstpunten in dit spel hetzelfde zijn, wordt verkwisting aan het einde van het spel letterlijk afgerekend. Aan het einde van jouw koopfase kun je één of twee uitzendkrachten inhuren, die je in de volgende ronde als vrije arbeiders kunt inzetten.

In de vierde boekhoudfase beginnen de fabrieken te draaien en registreren de spelers hun energieverbruik, productie en opslagcapaciteit. De voor jouw productie benodigde arbeiders plaats je in de fabriekskantine, waar ze tot de volgende boekhoudfase blijven liggen. Je bent verplicht om jouw fabriek zo in te richten dat je minstens één vrije arbeider overhoudt. Vrije arbeiders zijn de volgende ronde nodig voor bieden op de speelvolgorde, het vullen van de markt en het kopen van tegels. Aan het einde van de boekhoudfase wordt een energiefiche getrokken, waardoor de energieprijs 0-2 stappen stijgt.

In de vijfde fase van een ronde berekenen de spelers hun winst en krijgen ze geld van de bank. Deze winst is het saldo van productie/opslag (de laagste van de twee) en de energiekosten (verbruik x prijs). In de laatste speelronde wordt de winst verdubbeld. Na vijf ronden wint de fabrikant met het meeste geld.

Ten slotte

Fabrieksmanager is een elegant economisch spel. Zoals het hoort in dit genre speelt schaarste een belangrijke rol. Je hebt maar een handvol arbeiders, die je nodig hebt voor het bedienen van machines, het kopen van tegels en het bieden op de speelvolgorde. Hier moet je handig mee omgaan.

Geld is ook schaars, omdat dit tevens dienst doet als winstpunten. Je moet jouw fabriek bij voorkeur zo voordelig mogelijk optimaliseren. Productie en opslag moeten gezamenlijk omhoog, inzet van arbeiders en energieverbruik moeten naar beneden.

De voor een optimale fabriek benodigde tegels komen je niet zomaar aanwaaien. Met het selectiesysteem van nieuwe fabriekstegels moet je ook handig leren omgaan. Om te krijgen wat jij graag wilt, moet je meer lekkernijen voor je medespelers klaarleggen. Hier moet je even aan wennen.

De dubbele opbrengst in de laatste ronde is erg belangrijk. Hierop moet je in de voorafgaande ronde(n) goed ‘voorsorteren’, zodat je wat te melden hebt bij de laatste veiling van de speelvolgorde en ook nog genoeg arbeiders naar de markt kunt sturen. Heb je dit goed gedaan, kun je jouw eigen productieniveau nog even opkrikken en nuttige tegels voor de neus van de concurrent wegsnaaien.

Volgens de doos is het spel geschikt voor 2-5 spelers. De auteur adviseert onervaren spelers om het niet met een volle bezetting te proberen. Dit is een prima advies, met een volle bak straft het spelsysteem foutjes hard af. Ik speel Fabrieksmanager zelf het liefst met vier spelers, die geen hekel hebben aan rekenen en optimaliseren en die de mentale prestatie een beetje vlot willen leveren. Over de speelduur heb ik niets te klagen. Dit spel is met vlotte spelers inderdaad binnen het beloofde uur te spelen. Over de opmerkelijke vormgeving van Maura Kalusky hoor je me ook niet klagen. Ik houd wel van zijn stijl.

Fabrieksmanager is een vlotte en aantrekkelijke hersenkraker voor veelspelers. Ik durf dit spel van harte aan te bevelen. 

Titel: Fabrieksmanager
Auteur: Friedemann Friese
Uitgever: 999 Games / 2F-Spiele 
Aantal spelers: 2-5
Speelduur: ong. 60 minuten
Prijs: ong. € 35,-


Spellen > Recensies >
Fabrieksmanager


Top