Spellen > Recensies > Flandern 1302

Flandern 1302

Franke Scheper - nov 2004


Nog maar net is Vlaanderen (in dit spel inclusief Utrecht) met behulp van de gilden onafhankelijk geworden, of deze gilden strijden onderling alweer om de macht. De spelers zijn gildenmeesters. Het doel van het spel is zoveel mogelijk punten te scoren. Je verdient punten door de invloed van jouw gilde in de Vlaamse steden zo groot mogelijk te laten worden.

Spelmateriaal

Het spel bestaat uit:

  • Een spelbord met zes steden, die in de loop van het spel worden gevuld met stadswijken. In het midden is ruimte voor speelkaarten en een scorespoor.
  • 28 ‘gouden’ actiekaarten.
  • 9 afdekplaatjes. Deze worden gebruikt als stadswijken niet meer bebouwd kunnen worden.
  • Voor elke speler (4) in verschillende kleuren/wapens: 16 stadswijken (inclusief het stadscentrum), 11 ‘zilveren’ actiekaarten en 1 telfiche.
  • Voor de neutrale speler (1): 16 stadswijken (inclusief het stadscentrum) en 1 telfiche.
  • 13 stadswijken met een kerk.
  • 10 houten blokjes, waarmee een bouwplaats in een wijk wordt aangegeven.
  • 6 houten schijfjes, waarmee getelde steden worden aangeduid.
  • 4 houten kerkjes, die in het spel een gebouwde dom voor kunnen stellen.
  • 4 houten figuren, die in het spel de gildenmeesters voorstellen.

Op het spelbord worden de stadscentra van de 6 verschillende steden (Brugge, Luik, Gent, Ieper, Utrecht en Leuven) neergelegd: 1 stadscentrum voor elke speler, 1 extra stadscentrum en 1 stadscentrum voor de ‘neutrale’ speler. Elke speler krijgt 11 actiekaarten en 15 stadswijken in verschillende vormen. De telfiches van de spelers worden op het scorespoor gezet. Naast het bord worden de 15 stadswijken van de neutrale speler, de 13 stadswijken met kerken en de 9 afdekplaatjes zonder waarde neergelegd. Op het bord is ruimte voor houten speelstukken (bouw- en telstenen, dommen en gildenmeesters) en ‘gouden’ actiekaarten.

Spelverloop

Het spel verloopt in ronden. De oudste speler begint. Elke ronde kent de volgende fasen:
- startspeler trekt een kaart van de stapel ‘gouden’ actiekaarten,
- alle spelers zoeken een ‘zilveren’ actiekaart uit hun hand uit,
- ‘zilveren’ kaarten worden bekendgemaakt en de speelvolgorde wordt vastgesteld,
- alle spelers voeren in de vastgestelde volgorde acties uit,
- de startspeler voert de actie van de ‘gouden’ actiekaart uit,
- eventueel wordt geteld en de startspeler schuift door.

1. Startspeler trekt een ‘gouden’ kaart.

De startspeler trekt een actiekaart van de stapel ‘gouden’ kaarten. Alleen hij bekijkt deze kaart en weet dus welke extra actie in fase 5 wordt uitgevoerd.

2. Alle spelers zoeken een ‘zilveren’ actiekaart uit hun hand uit.

Elke speler heeft de keuze uit 11 actiekaarten:

  • 6 stadskaarten in verschillende kleuren: hiermee kan hij wijken in de verschillende steden bouwen.
  • 1 kaart om zijn eerder uitgespeelde kaarten weer op de hand te nemen
  • 1 bouwplaatskaart om in een willekeurige stad een wijk te claimen (zonder daar direct te bouwen)
  • 3 invloedkaarten. Deze kunnen extra worden uitgespeeld. De speler die de meeste kaarten heeft neergelegd, mag als eerste zijn actie uitvoeren. Uitgespeelde invloedkaarten worden afgelegd, ze kunnen slechts een keer worden gebruikt. Niet gebruikte invloedkaarten zijn aan het einde van het spel punten waard.

3. ‘Zilveren’ kaarten bekendmaken en speelvolgorde bepalen.

Zoals bij fase 2 al is gemeld, kunnen de spelers naast actiekaarten ook invloedkaarten uitspelen. De speler met de meeste kaarten begint. Bij een gelijke stand begint de speler die met de klok mee het dichtst bij de startspeler zit (inclusief de startspeler zelf).

4. Acties uitvoeren.

Actie stadskaart spelen:
Bij het uitspelen van een stadskaart legt de speler een van zijn stadswijken in de op de kaart afgebeelde stad. Hierbij zijn de volgende regels van belang. Stadswijken moeten aangelegd worden aan andere stadswijken. Stadswijken van dezelfde kleur mogen niet aan elkaar gelegd worden. Er moet een passende plaats voor de te leggen stadswijk beschikbaar zijn.

Actie bouwplaatskaart spelen:
Bij het uitspelen legt de speler een van zijn stadswijken in een willekeurige stad (volgens bovengenoemde regels). Op deze stadswijk plaatst hij een houten blokje. Dit geeft aan dat deze wijk door de speler geclaimd is (andere spelers kunnen daar dus niet meer op bouwen). De wijk telt echter niet mee bij de telling. Deze wijk kan alleen geactiveerd worden door in een volgende ronde alsnog een stadskaart van deze stad uit te spelen.

Actie uitgespeelde kaarten oppakken:
Tot deze kaart gespeeld wordt, blijven de eerder uitgespeelde ‘zilveren’ actiekaarten op een per speler unieke aflegstapel liggen. Het is dus zaak om het uitspelen van actiekaarten goed te plannen. Ook het herhalen van een actie kost namelijk een beurt.

5. Startspeleractie.

Nu toont de startspeler de ‘gouden’ actiekaart en voert deze uit. Naast de acties die al in fase 4 zijn beschreven, zijn er twee extra actiekaarten:
- een dom plaatsen: de speler plaatst een houten dom op een kerk naar keuze.
- een gildenmeester plaatsen: de speler plaatst een gildenmeester (weergegeven met een houten figuur) op een eigen of op een neutrale stadswijk.

Met ‘gouden’ stadskaarten kunnen alleen neutrale- of kerkwijken worden neergelegd.
De ‘gouden’ kaart kan echter ook een extra invloedkaart zijn. Deze (en alleen deze) wordt door de speler op de hand genomen.

6. Telling en startspelerwissel.

Als er aan een stad geen wijken meer kunnen worden toegevoegd, wordt er direct geteld. Dan wordt eerst de waarde van de stad bepaald:
- elke stadswijk van een gilde: 1 punt,
- elke stadswijk met een kerk: 2 punten,
- elke stadswijk met een dom: 3 punten.

Van elk gilde dat in de stad is vertegenwoordigd, wordt het aantal wijken geteld. Degene met de meeste wijken bezet de eerste plaats, degene met de op één na meeste wijken de tweede plaats, enzovoort. Daarna worden de punten uitgedeeld:
- 1e plaats: waarde van de stad
- 2e plaats: de helft van de waarde van de stad
- 3e plaats: 4 punten
- 4e plaats: 2 punten
- 5e plaats: 0 punten

Bij een gelijk aantal wijken wint de speler die de meeste gildenmeesters controleert (het saldo van de afbeeldingen op de wijken en de bijgeplaatste houten figuren). Als ook dit een gelijke stand oplevert, krijgen de spelers allemaal het aantal punten van de laagste gedeelde plaats. Op het stadscentrum wordt een houten schijfje neergelegd, om aan te geven dat deze stad is geteld.

De startspeler verschuift met de klok mee.

Einde van het spel

Het spel eindigt als in geen van de steden nog gebouwd kan worden. De speler met de meeste invloedkaarten krijgt nog 3 punten extra. Als meer spelers de meeste invloedkaarten bezitten, krijgen deze allemaal 3 punten.

Ten slotte

Het spelmateriaal ziet er verzorgd uit. De verschillende onderdelen geven de sfeer van verschillende gilden in de middeleeuwen mooi weer. De handleiding van het spel is lekker kort, 6 pagina’s inclusief voorbeelden en illustraties. De voorbeelden en illustraties dragen ruim bij aan begrip van het spel.

Zowel planning als interactie met andere spelers komen in het spel ruim aan bod. De enige geluksfactor in het spel is het trekken van de ‘gouden’ actiekaarten. Hoewel hier een redelijke balans in zit, kun je daar toch redelijk veel pech mee hebben (te denken valt aan de ‘gouden’ actiekaart “op de hand nemen van eigen actiekaarten”, nadat je dit in je vorige beurt net zelf hebt gedaan). Wat mij betreft hadden deze ‘gouden’ actiekaarten beperkt mogen blijven tot stadskaarten en bouwplaatsen. Dat is wat mij betreft ook het enige nadeel van Flandern 1302. Het speelt vlot weg en heeft veel mogelijkheden tot planning en interactie. Na Alhambra en Industria is dit weer een geslaagd spel van Queen Games.

In de loop van 2005 verschijnt een Nederlandstalige versie van dit spel.

Titel: Flandern 1302
Auteur: Wolfgang Panning
Uitgever: Queen Games
Aantal spelers: 2-4
Speelduur: ong. 60 minuten
Prijs: ong. € 20,-

Afbeeldingen © Queen Games



Spellen > Recensies >
Flandern 1302


Top