Spellen > Recensies > Vom Kap bis Kairo

Vom Kap bis Kairo

Erwin Broens - februari 2002


Tijdens Spiel 2001 liep ik Alan Moon tegen het lijf. Dat is op zich al een genoegen, Alan is een leuke en sympathieke vent. Deze keer had hij een extra attractie in de aanbieding: Alan fungeerde als ambassadeur van de Duitse spelauteur Günter Burkhardt. Alan stuurde iedereen naar de stand van Adlung Spiele, om daar een leuk kaartspelletje over treinen in Afrika te proberen. Ik heb naar Alan geluisterd, heb het spelletje gekocht en vind het tijd om het hieraan ontleende plezier nu met jullie te delen.

Tsjoek tsjoek...

Vom Kap Bis Kairo is verpakt in het piepkleine doosje dat we van Adlung kennen. Het doosje bevat een meertalig regelboekje (Frans, Duits en Engels), vier locomotief- en kolenwagenkaartjes in de kleuren van de spelers, 50 landschapskaartjes in vijf soorten, een overzichtskaartje met de landschappen en een kaartje met voorbeelden. Er zijn vijf soorten landschappen, in oplopende volgorde van bouwkosten: savanne, dorp, woestijn, gebergte en rivier. Deze landschapskaartjes zijn multifunctioneel. Ze worden gebruikt als landschap, maar ook als "speelgeld" bij het bouwen van spoorlijnen. De kaartjes tonen de volgende informatie: het landschap zelf (= de bouwkosten), de opbrengst die je ontvangt na bebouwing en ten slotte 0-3 spoorlijnsymbolen. Deze symbolen dienen als "speelgeld" in de bouwfase.

Iedere speler krijgt een kolenwagen om aan te geven wie met welke kleur speelt. De spelers leggen vervolgens hun locomotieven naast elkaar op tafel. In de loop van het spel worden voor deze locomotieven landschapskaartjes neergelegd. De spelers moeten deze kaartjes bebouwen met spoorlijnen. Degene die als eerste acht kaartjes bebouwt, is de winnaar. De spelers hebben een startkapitaal van 100 pond. Deze spaarpot, inclusief alle betalingen en ontvangsten, houd je bij op een eigen kladblaadje.

Een spelronde bestaat uit twee fasen: een veiling- en een bouwfase. In de veilingfase worden net zoveel landschapskaarten aangeboden als het aantal spelers. Iedere speler biedt in het geheim een bedrag. De hoogste bieder mag als eerste een kaartje kiezen, enzovoort. De spelers leggen de gekochte landschapskaartjes op het eerstvolgende vrije veld voor hun locomotief.

De winnaar van de veiling is startspeler in de bouwfase. Dan is het de bedoeling om het voor je locomotief liggende landschapskaartje te bebouwen. Het landschap bepaalt de hoogte van de bouwkosten. Deze kun je betalen met de spoorlijnsymbolen op de landschapskaartjes. De startspeler trekt een kaartje van de stapel. Als je geluk hebt, bevat deze kaart reeds een of meer spoorlijnsymbolen. Deze symbolen tel je op bij de symbolen op de voor je locomotief liggende kaartjes. Als je hiermee de bouwkosten evenaart of overschrijdt, mag je het landschapskaartje gratis bebouwen. Dan draai je het kaartje om, schuif je de locomotief een veld naar voren en incasseer je de op het kaartje afgebeelde opbrengst. Als je spoorlijnsymbolen tekort komt, mag je het verschil in geld bijpassen. Elk ontbrekende symbool kost je 10 pond. Geld is schaars, zuinigheid kan hier geen kwaad.

Als je niet kunt of wilt bouwen, is de volgende speler aan de beurt. Deze trekt een nieuw kaartje, telt de symbolen op (incl. die op het door de startspeler gedraaide kaartje) en beslist of hij al dan niet wil bouwen, enzovoort. De bouwfase gaat door zolang iedere speler nog een of meer onbebouwde landschappen voor zijn locomotief heeft liggen. In dat geval heeft degene die als laatste heeft gebouwd het initiatief in de volgende stap van deze bouwfase. Als je goed hebt gepland en zuinig bent geweest, is het dus mogelijk om in één bouwfase meerdere landschappen te bebouwen. Na de bouwfase gaat het spel verder met een volgende veiling.

Er is een landschapsoort die bijzondere aandacht vraagt: de rivier. Deze is moeilijk te bebouwen (kost 10 spoorlijnsymbolen), maar levert je wel een leuke bonus op. Als jouw locomotief voor een rivier staat te wachten, krijg je een bonuskaart voor elk landschap dat een medespeler bebouwt. Deze bonuskaarten kun je later inzetten als spoorlijnsymbolen bij het bebouwen van landschappen. Je kunt de bonuskaarten niet onbeperkt sparen, vijf is het maximum.

Ten slotte

Kaartje draaien, kaartje leggen, wachten voor een riviertje, locomotiefje bewegen.... dat klinkt niet echt spannend. Het zij zo, de kern van het spel vind je in de veiling. Daar verdien je het recht om als eerste een kaart te kiezen. Nog belangrijker is het feit dat de winnaar van de veiling het initiatief in de bouwfase krijgt. Als je op het juiste moment dit initiatief grijpt, rijdt jouw locomotief mogelijk in de hoogste versnelling naar de finish. De eerste keuze en het initiatief zijn aantrekkelijk, maar het is niet verstandig je geld over de balk te smijten. In de eindfase heb je het geld hard nodig om ontbrekende spoorlijnen te kopen. Deze aspecten van de veiling maken het spel interessant. Daarnaast heb je nog wat geluk nodig bij het trekken van kaartjes in de bouwfase. Al met al is het een geslaagd spel, met een toefje resourcemanagement, een tikje planning en een acceptabele geluksfactor. En last but not least: waar vind je tegenwoordig nog een leuk spelletje voor € 6,-?.

Titel: Vom Kap bis Kairo
Auteur: Günter Burkhardt
Uitgever: Adlung Spiele
Aantal spelers: 2 - 4
Speelduur: ong. 30 minuten
Prijs: ong. € 6,-


Spellen > Recensies >
Vom Kap bis Kairo


Top