Spellen > Recensies > Strand-Cup

Strand-Cup

The Doctor - januari 2001


Strand-Cup is een vreemde eend in de bijt van kaartspellen. Op Spiel 2000 sprak ik Mark Sienholz aan om hem wat vragen te stellen over zijn spel 'Da geht was ab im Morgenland' en we raakten langzamerhand verzeild in een korte uitleg over zijn nieuwste creatie: Strand-Cup. Op dat moment begreep ik er eigenlijk weinig van en kon me niet voorstellen dat het interessant zou zijn om een spel te maken over strandvolleybal. Maar inmiddels weet ik beter.

Het Spel

Strand-Cup kan je alleen spelen met een even aantal mensen, vanaf vier. Dit is omdat je het spel in twee teams speelt, elk aan 1 kant van het 'net'. Elke speler is een speler zoals ie ook bij een echt potje volleybal in het zand zou staan, 'slechts' een radertje van het team. En net als bij het echte volleybal is het zo dat je alleen met samenspelen de winst zal kunnen bereiken. Het spel bestaat alleen uit 60 kaarten, maar je zal er zelf nog een 6-zijdige dobbelsteen bij moeten vinden.

De meest voorkomende kaarten in het spel zijn verschillende soorten om de bal mee te kunnen spelen (een bal zit overigens nergens in het spel :). Ze bevatten 4 verschillende icoontjes die gekleurde volleyballen zijn. De grootste (lichtblauw) bevat een getal dat van belang is voor de opvangwaarde, de kleinere rode bevat een waarde waarmee door deze kaart een bal over het net gespeeld kan worden (smashen bijvoorbeeld), de oranje bevat de waarde waarmee een set-up gegeven wordt en de gele volleybal bevat de waarde waarmee een pass gegeven wordt. Net als in normaal volleybal mag de bal maximaal 3 keer gespeeld worden, dus met pass, set-up en smash is alles gedekt. Sommige kaarten bevatten alleen een smash-waarde, en zijn dus alleen geschikt voor het afronden van een rally, niet voor de set-up e.d.

Alle spelers ontvangen een bepaald aantal kaarten (bij 4 spelers 7 kaarten) en weten van elkaar niet welke kaarten ze hebben, dus ook de kaarten van je teamgenoot ken je niet! Tijdens het spel komt de bal met een bepaalde 'netwaarde' over het net naar de kant waar jouw team opgesteld staat en dient iemand uit je team een kaart met een voldoende hoge opvangwaarde te spelen. Hierbij geldt dat de eerste kaart die door iemand gespeeld wordt gewoon telt. Men mag niet met elkaar praten over de eigen kaarten, maar korte kreten zoals 'Los!', 'Ik heb hem!' en dergelijke, zijn toegestaan en worden zelfs aangeraden. Heeft een van de spelers inderdaad een juiste kaart dan mag hij kiezen of die de bal verder speelt naar een teamgenoot of over het net wil spelen. In het laatste geval gaat de bal naar de tegenstanders met de waarde van de rode volleybal.

Kiest de speler echter om de bal verder te passen, dan mag een - andere - speler van zijn team een volgende kaart spelen. De opvangwaarde is hierbij niet meer van belang. Kiest deze speler er wederom voor om de bal verder te passen (een set-up dus inmiddels), dan mag de eerste speler de bal weer aanraken met bijvoorbeeld een Schmetter-kaart (smash, op zijn Duits). Smash-kaarten hebben een hoge waarde in de rode volleybal, en zijn dus uitermate geschikt voor het over het net jagen van de bal. Zodra de bal het net over gaat, tel je alle waardes op van de gebruikte kaartjes (de rode van de laatste kaart, de oranje van die ervoor, en de gele van de kaart die gebruikt is voor de opvang), de uitkomst is de 'netwaarde' waarmee het andere team de bal maar weer moet zien op te vangen.

Dit gaat vaak een paar keer zo heen en weer, tot er om een of andere reden een punt gescoord wordt. Het aardige aan lange rally's is dat de kaarthand van de spelers steeds leger raakt. De kaarten worden namelijk pas aangevuld (tot volle hand) bij een punt of opslagwissel. Dit simuleert heel goed vermoeidheid en concentratieverlies bij een langdurige rally, iets wat in het echte beachvolleybal ook zichtbaar is.

Krimsus zou Krimsus niet zijn als er ook niet wat extra grappen in het spel zaten, en uiteraard zijn ze er ook hier. Er is onder andere een kaartje om je tegenstander te verblinden (bij een dobbelsteenworp van 1 of 2 ziet hij of zij de bal niet aankomen en mist volledig), een chocoladereep om een smash 2 punten harder te slaan en een energydrink om twee kaarten bij te mogen pakken. Ook zijn er noodsprongen (je redt de bal, maar je medespeler moet met de dobbelsteen gooien om te zien of die de geredde bal nog kan spelen. Je hapt zelf zand en speelt even niet mee) en blok-kaarten.

De blok-kaarten zijn overigens wel heel interessant, want als je gaat blokken mag je twee keer de dobbel gooien om te zien of je daarmee hoger komt dan de netwaarde waarmee de bal gesmasht werd. Zo ja, dan blok je de bal zo hard terug als de waarde van je dobbelworp. Blokken mag je echter ook met z'n tweeŽn doen, en dan werp je dus 4 dobbels. 

Oh ja, de bal moet natuurlijk ook in het spel gebracht worden. Daarvoor hebben we de opslag. De opslag wisselt steeds als het team dat de opslag niet heeft een score zou maken. Echt punten scoren kan echter alleen als je team de opslag al heeft. De opslag rouleert tussen alle spelers, en wordt gespeeld met een kaartje. De bal gaat over het net met de waarde van de rode volleybal, en dat is over het algemeen dus nog vrij makkelijk op te vangen.

Beoordeling

Al met al speelt het spel, mede door de vormgeving, als een lollig spel, maar komt ook over als een waarheidsgetrouwe simulatie. Als je medespeler de bal nog net weet te redden, maar daarvoor stevig in het zand moet happen, weet je dat je er voor die bal alleen voor staat. Als een rally lang duurt, raken je kaarten (en dus opties) uitgeput, alsof je moe bent. Met name op deze momenten is het zeer spannend en meeslepend. En als je tegenstander zand hapt en de bal niet haalt, raden de regels ook aan om ze belachelijk te maken :). Eigenlijk is het enige dat me nog niet zo beviel de speelduur. Ze raden in de regels aan 3 sets van 10 punten te spelen, maar na 1 set ben je soms al een uur verder, en dat is toch wel genoeg. Wellicht gaat het sneller als je vaker speelt of minder serieus probeert te winnen :), maar door de volleybalregel waarmee je alleen kan scoren als je de opslag hebt, duurt het allemaal heel lang voordat er wat scores komen.

Titel: Strand-Cup
Auteur: Mark Sienholz
Uitgever: Krimsus Krimskrams Kiste
Aantal spelers: 4, 6 of 8
Speelduur: 45 minuten per set
Prijs: ong. Ä 6


Spellen > Recensies >
Strand-Cup


Top